SOS Kinderdorpen: een huis, een thuis

Terwijl de zon nog zijn best doet om door het opwaaiende stof te komen van de zanderige straten bewegen we ons langzaam voort in ons witte busje. De straten van N ‘Djamena zijn het decor van het dagelijkse leven wat zich hier buiten afspeelt. Soms kijken we even naar binnen bij iemand als onze chauffeur stapvoets de gaten in het asfalt probeert te ontwijken. Wat we zien is niet veel meer dan een vierkante ruimte zonder enige faciliteiten. Het merendeel van de huizen heeft muren opgetrokken uit leem met veelal een golfplaat als dak.

Water haalt men bij de lokale put of kraan en koken gebeurt voor de deur. Het riool loopt midden door de straat en is open.

Het overige verkeer wat grotendeels bestaat uit fietsen, voetgangers en motoren beweegt zich organisch om ons heen. Auto’s zijn er voor de meer welgestelde inwoners, en de bekende overvolle Afrikaanse taxi’s complimenteren het verkeersbeeld. Het aantal geasfalteerde wegen beperkt zich tot enkele hoofdstraten en ook wanneer wij af moeten slaan om het SOS Kinderdorp te bereiken wordt de kwaliteit van ons busje en haar chauffeur beproeft om zich een weg te banen naar de ingang van het dorp. Een plek die zich van buiten niet direct onderscheid in het uiterlijk van de stad.

 

Dat onderscheid wordt wel snel duidelijk als we bij binnenkomst de kinderen van het dorp in de ogen mogen kijken. Wat we zien is een gevoel van onbezorgdheid, plezier, ondeugd en hier en daar een verlegen blik. Zoveel vreugde en zoveel energie dat je soms lijkt te vergeten dat je omringd wordt door 120 kinderen die geen ouders meer hebben die voor ze kunnen zorgen. Sommige zijn wees, sommige voor een beter leven aangeboden bij SOS Kinderdorpen. In niets heb ik gemerkt aan deze kinderen dat er een zwaar verleden schuil gaat achter die grote bruine ogen. Wanneer we dan horen van de SOS moeders over dat verleden, dan moet werkelijke iedere hersencel worden ingezet om het alleen maar te kunnen bevatten. Logischerwijs ga je vragen naar het alternatief voor deze kinderen als er geen SOS Kinderdorp is waar ze terecht kunnen. En dan hoor ik voor het eerst het woord dood worden uitgesproken met een vanzelfsprekendheid die mijn voorstellingsvermogen te boven gaat. Kinderen sterven in Tsjaad, dat heb ik gelezen net zoals u misschien aan het begin van dit blog. 20% wordt niet ouder dan twee. Maar nu kijk ik in de ogen van een SOS moeder die zonder zelfs maar een seconde haar woorden af lijkt te wegen vertelt dat zonder SOS Kinderdorpen het kind wat op haar schoot zit dood zou zijn. En wanneer we vragen naar haar eigen biologische kinderen blijkt dat ook de helft van haar kroost de jeugd niet heeft overleefd. Onze tolk uit een gezin van acht leeft alleen nog samen met zijn zus, en vrijwel iedereen die we de resterende dagen spreken komt met een soortgelijk verhaal. Het lijken geen incidenten, het zijn geen verhalen van leed maar het is een dagelijkse realiteit die hoort bij het leven in Tsjaad. Kinderen gaan gewoon dood.

 

 

Is het dorp van SOS dan een walhalla in een arm land als Tsjaad? Nee, het is slechts een plek waar kinderen kansen krijgen, waar ze omringd worden door liefde en de warmte van een gezin. Waar ze op een zo'n normaal mogelijk manier groot kunnen worden. Een plek waar ze simpelweg kind kunnen zijn. 

 

Wanneer ik binnen mag komen in het huis van SOS moeder Claudette is het eerste wat me opvalt dat het huis sober is. Geen opsmuk, geen versieringen aan de muren of tapijt op de vloer. De keuken behelst niet meer dan een spoelbak en een petroleum pitje. De koelkast, die in een nisje staat, werkt hard maar laat duidelijk horen dat het hem moeite kost. Er is een slaapkamer voor de jongens en een voor de meisjes. Hier staan stapelbedden en een kast waar wat kleding ligt en verder is het er vooral erg schoon. In de huiskamer staat een bank en een grote eettafel en is aansluitend de slaapkamer voor de moeder. Het huis is relatief kaal, maar zoals ik altijd mijn eigen kinderen vertel gaat het niet om het huis maar om het thuis van iemand. En SOS moeder Claudette heeft er een thuis van gemaakt. Wanneer ze in haar prachtige Afrikaanse jurk door het huis loopt, haar krullen in het ritme van haar stappen mee wiegen zie ik de kinderen zich vrij en gelukkig om haar heen bewegen. Ze klinkt soms streng, dan weer zorgzaam en even later heel attent als er twee kinderen achter elkaar aan rennen. Claudette vertelt over haar rol als moeder voor SOS, over haar opleidingen tot SOS moeder en over haar kinderen. En dat laatste gebeurt op een manier die niet gestuurd is vanuit het hoofd maar vanuit het hart. 

Please reload

OVERIGE BERICHTEN
Please reload

© 2019  by WORLDFAMOUS 

SOS Libanon 72